Seminar Ladinggegevens, 18 juni 2010, Rotterdam

altOp vrijdag 18 juni organiseerde het Programma Ladinggegevens (een publiek-private samenwerking) het seminar Ladinggegevens bij MSR in Rotterdam. Er waren 110 bezoekers uit de sectoren transport, nautisch, OOV en Rijksoverheid. Gedelegeerd opdrachtgever Peter de Bruijn van NoSe Innovations opende het seminar met een schets van het dagprogramma en de uitdaging aan de zaal om gezamenlijk de innovatieve resultaten van vandaag ook daadwerkelijk in de keten in productie te krijgen.

altKeynote speaker en gastheer Don Berghuijs illustreerde het belang van het innovatieve karakter van Ladinggegevens door te benadrukken dat je ‘niet weet wat je niet weet’ bij grote calamiteiten; oplossingen zullen dat als uitgangspunt moeten nemen. Informatie moet niet alleen ergens zijn, maar ook nog bereikbaar zijn. Ladinggegevens dient meerdere belangen in de keten, zo betoogde Don: het maatschappelijke belang (bij calamiteiten maar ook in dagelijks gebruik) en het economisch belang (o.a. minder schade, lagere regeldruk en administratieve lasten) van een verbeterde informatievoorziening.

altOok dringt het besef steeds meer door dat we niet op zoek zijn naar “één systeem”, maar naar betrouwbare gegevens zodra die nodig zijn. Ieder systeem moet uit dezelfde kwalitatieve bronnen kunnen putten. Don illustreerde het gezamenlijk belang van goede informatie aan de hand van het CRP (Centraal Registratiepunt Gevaarlijke Stoffen), dat Rotterdam op dit thema een kwalitaitieve voorsprong in veiligheid biedt. Uiteraard was er bij de opzet van CRP weerstand vanwege controle-angst, maar toen het besef doordrong dat ‘niet meedoen’ zou resulteren in strengere handhaving, zijn partijen toch over de boeg gegaan.

altDe interactie met de zaal werd verzorgd door Hans van Grieken van CapGemini. Dat begon met een interview met Don Berghuijs. “De crisis is een kans”, betoogde Don, “alleen al op administratieve lastendruk kunnen we zo’n 40 miljoen besparen. Het huidige policy window moeten we benutten en de handen ineenslaan.” En, nog mooier: “We hebben weer een rampje nodig. Het institutioneel geheugen van de politiek is zo’n twee jaar, daarna is de aandacht weg. Tot het weer fout gaat.” Hans verwoordde in het gesprek met Don het gevoel van de zaal dat ‘de organisatie’ passé is, we gaan toe naar netwerken in samenwerkingsverbanden. Don: “Als je niet meegaat in de netwerk ontwikkeling, word je vanzelf een keer opgeheven.”

altCIO Rob Peters van Kennemerland kwam met een reeks treffende illustraties waar je als informatiemanager in een veiligheidsregio mee te maken krijgt ondanks de mooie theorie. Vooral de relatie met de pers is zeer ‘dynamisch’. Bij de poldercrash was de leiding al snel bezig met ‘media management’ (de pers van de rug houden). Allerlei procedures werden door de media verkeerd uitgelegd. Bij vrijwel elke risicolocatie sta je qua informatiemanagement voor behoorlijke uitdagingen. Neem nu de spoortunnel onder Schiphol. Zie je informatie maar eens op orde te krijgen bij een fikse tunnelbrand. Of de Vistrawler in Velsen: het duurde even voordat iedereen wist waar het schip überhaupt lag. Je informatie moet ook nog eens door een keten van partijen stromen. Kortom, eerst werken aan het goed opzetten van samenwerkingsverbanden! Hiermee is geëxperimenteerd in het vergaren van kwalitatief goede informatie in de voorbereiding van het SAIL 2010 evenement.

altRené Verzijl van de Zeehavenpolitie van Rotterdam nam het publiek mee in een denkbeeldig scenario van een chloorincident bij een volle Kuip in Rotterdam. Ook in de overtuiging van René wordt informatiemanagement in de keten steeds crucialer bij het effectief optreden. Hiervoor zul je moeten werken met convenanten voor de samenwerking. En vervolgens intensief samen oefenen, anders blijft het papier.

 

 Toen kwam de Informatiepool in beeld, een concreet product waar Erik van den Bergvelen op zaten te wachten. Erik van den Berg, architect bij CapGemini, schetste kort de tijdlijn van het ontstaan in 2006 (IBV kaders, IASV, ASE Veiligheid 2008) tot 18 juni 2010, het deze zomer live gaan van de landelijke Informatiepool als product van publiek-private samenwerking. Het doel: alle bij veiligheid betrokken partijen bouwen realtime met gestandaardiseerde bouwstenen het eigen (situatie)beeld op. Gebruik van de informatiepool werkt op abonnementsbasis. Je kunt aansluiten op de infrastructuur met je eigen applicatie via een standaardstekker (moet je applicatie leverancier zich wel naar schikken). In het maken van ketenafspraken faciliteert Studio Veiligheid. Erik liet het bij de presentatie, de demo zou volgen na de  koffiepauze.

 

altDe reeks sprekers was lang; daarom kreeg iedere spreker max tien minuten, wat al met al aardig lukte. Na Erik kwam Robin Audenaerdt van EZ “Slim geregeld Goed verbonden” (SGGV) met een financiële business case voor Ladinggegevens. Zo’n 15% tot 35% vermindering van de regeldruk, dat is het devies van SGGV. Robin ziet grote winst in de reikwijdte van Ladinggegevens: als je de vermindering van regeldruk toepast op de hele watertransport keten van zeehaven tot het achterland (binnenvaart), dan praat je over grote bedragen. Ook gaat het lukken om de veiligheid op de tweede Maasvlakte op peil te houden met verminderde regeldruk. Dankzij programma’s zoals Ladinggegevens weten we ook beter waar welke lading te vinden is en hoe gevaarlijk die is.

Edward Faber van T-Xchange presenteerde een speelse manier om van innovaties naar productie te komen. Een business model voor ketenimplementaties bedenk je niet alleen op papier, je moet er ook mee spelen om het werkbaar te krijgen! T-Xchange biedtSerious Gamingals instrument voor inzicht in ketenbesturing, met een specifiek business model als uitgangspunt. Met goede evaluaties en uitwisseling van ervaringen zijn verrassende resultaten te boeken, en het is nog leuk om te doen ook.

Jaco Appelman van de TU Delft sloot het rijtje sprekers af met de boodschap dat het veranderen van de trits “investeren – proberen – leren” naar “proberen – leren – investeren” veel geld kan opleveren. In een test met CoPI teams leverde deze werkwijze een tijdwinst op van meer dan 50% om een echt waardevol situatiebeeld op te leveren.

altNa de pauze was het dan toch zover: de Informatiepool werd gedemonstreerd. En wel aan de hand van een incidentscenario op het water, in de geest van de oefening Voyager, waar juist de informatievoorziening een bottleneck bleek. De casus werd ingeleid door Sjaak Seen van de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond en Jolanda Roelofs van VROM. Sjaak betoogde dat met 35.000 zeeschepen en 125.000 binnenvaartschepen per jaar, zo’n scenario zeker niet ondenkbaar is. De muur toonde twee schermen: links de VROM ICAWeb applicatie voor het Bot-MI (beleids ondersteunend team milieu incidenten) en rechts de CityGIS Barracuda viewer bij ‘een’ veiligheidsregio, met o.a. Kadasterkaart en actuele scheepslocaties. Beide toepassingen maken gebruik van de Infopool, niet alleen om het basisbeeld op te bouwen, maar ook om realtime incidentinformatie uit te wisselen. Na een voor de zaal wat moeilijk te volgen proces waarbij op beide schermen van alles gebeurde, bleek dat de ladinggegevens en de positie van het betreffende schip succesvol van de Veiligheidsregio via de Informatiepool naar het Bot-MI waren verzonden. Het scenario eindigde met het Bot-mi advies dat via de informatiepool met de regio werd gedeeld. Dit scheelt niet alleen veel tijd, het voorkomt ook veel fouten ten opzichte van de oude situatie met spraakverwarring en ad-hoc data uitwisseling. Het concept blijkt dus haalbaar en kan een succes worden.

 

De middag werd afgesloten met een panelsessie met daarin Renéalt Verzijl (Zeehavenpolitie), Fernanda van Opstal (Maersk Antwerpen), Rob Peters (Kennemerland) en Don Berghuijs (Rotterdam-Rijnmond). Die mochten gelijk reageren op de stelling uit de zaal dat Infopool leuk is maar niet gaat werken, omdat de lobby tegen openheid van gegevens te sterk is (angstregime). En: “er is geen wettelijke basis voor!”. Zowel Fernanda als Don betoogden echter dat dit allemaal waar is, maar dat de gezamenlijke belangen te groot zijn om hier niet in mee te gaan. Alleen al het risico van imagoschade bij een slecht aflopende calamiteit noopt al om toch mee te gaan met dit soort innovaties. Fernanda benadrukte dat Singapore nu het verst is “dankzij” een aantal incidenten op dit vlak. René voegde er aan toe dat het wel volwassen bedrijven en dito overheid vereist. Op de vraag van Hans aan de zaal of Command & Control al op orde zijn was het antwoord unaniem nee. Don nuanceerde echter het blindstaren op theoretische doctrine: “In de praktijk besluiten de operationele types de operationele zaken. Pas later in de media wordt daar een bestuurlijk sausje overheen gegoten. Burgemeesters verzuchten nog wel eens: ‘hoe kan ik nu leiding geven als niemand me zegt wat ik moet doen!’”.

Hans haalde het spraakmakende boekje van Arre Zuurmond “De Belgen doen het beter” nog eens aan. Fernanda meende dat dit lang niet altijd het geval is, maar dat men in België al wel meer gewenning heeft in het delen van informatie. De publieke opinie (imagoschade) is doorslaggevend. Don mijmerde of een “wet op de operationele informatievoorziening” het verkennen waard zou zijn.

Peter de Bruijn sloot de dag af met de conclusie dat er veel te verdienen valt met de mogelijkheden die vandaag zijn getoond. De crisis biedt kansen om daadwerkelijk stappen te maken waar dat een paar jaar geleden onmogelijk leek. De uitdaging is vooral hoe we tot uitvoering (productie) gaan komen op steeds grotere schaal. De speerpunten voor het vervolg van het programma Ladinggegevens zijn: het in productie brengen van technologische innovaties op het gebied van verbindingen, de Informatiepool, en Identity management in de keten.

De volgende ketenpartners hebben bijgedragen aan het succes van het programma Ladinggegevens:

 

alt

 

De 3 PRO's



Studio Veiligheid werkt aan het oplossen van maatschappelijke probleemstellingen door via prototyping te komen tot werkende oplossing. Klik op één van de bollen voor een overzicht van activiteiten